Uitgeverij Zwijsen is al meer dan 160 jaar een toonaangevende uitgever binnen het basisonderwijs. Hieronder leest u de geschiedenis in een notendop en lichten we een aantal vermaarde uitgaven toe.

1846 - Oprichting Drukkerij door Mgr. Joannes Zwijsen

Joannes Zwijsen is pastoor in Tilburg. In 1844 sticht hij de Congregatie der Fraters van Onze Lieve Vrouw, Moeder van Barmhartigheid. Het volgende jaar nemen de fraters de zorg voor de weesjongens over van de 'Zusters van liefde'. Om de jongens de gelegenheid te geven een vak te leren en om te voorzien in hun levensonderhoud begint Zwijsen met een drukkerij.

Eerste educatieve uitgaven

In 1850 verschijnt de eerste educatieve uitgave van het RKJW. Het is een serie van 4 boekjes, gebaseerd op de succesvolle klankmethode van P.J. Prinsen. Deze methode wordt door de fraters bewerkt voor het katholieke onderwijs. In 1884 verschijnt De Kleine Rekenaar als eerste rekenmethode van de fraters (frater Maternus Wissink). Vooral het zogenaamde 'koopmansrekenen' wordt hierin geoefend.

Tijdschrift De Engelbewaarder, Okkie en Taptoe

In 1885 richt kapelaan Hubert Lucas te Maastricht het jeugdtijdschrift De Engelbewaarder op. Via een boekhandel in Grave wordt het tijdschrift in 1892 verkocht aan het RKJW.

Aanvankelijk ligt de nadruk op de religieuze vorming van de lezers, maar als na 10 jaar de moderne ideeën over de jeugdliteratuur doordringen, wordt de inhoud van De Engelbewaarder speelser. Het tijdschrift overleeft de 2 wereldoorlogen. Hoewel het blad onder de Duitse bezetter verboden wordt, herrijst het in 1946 en wordt het in 2 edities uitgegeven: De Engelbewaarder voor jongere lezertjes en De Engelbewaarder, jeugdtijdschrift voor het Katholieke gezin.

Na enkele uiterst succesvolle jaren loopt de belangstelling eind jaren vijftig terug. In 1958 bereiken Uitgeverij Zwijsen en Uitgeverij De Spaarnestad een akkoord over een fusie van De kleine Engelbewaarder met Okki en van De grote Engelbewaarder met Taptoe. Op Okki en Taptoe wordt de naam De Engelbewaarder nog enige tijd als ondertitel vermeld.

Kweekschool van de fraters wordt erkend/nieuw fonds schooluitgaven ontstaat

De interne opleiding voor frateronderwijzers wordt omgezet in een door het rijk erkende kweekschool. De kweekschool levert goed opgeleide leerkrachten af en enkele, zoals frater Rombouts, ontwikkelen zich tot onderwijskundige autoriteiten. Ook gaan de fraters ertoe over om volgens eigen inzicht methoden te ontwikkelen. Tussen 1900 en 1920 ontstaat er een geheel nieuw fonds van schooluitgaven voor lezen, schrijven, taal en rekenen: Ik lees al, Vroolijk Volkje, Vooruit, Nieuw Taalboek voor de Lagere School en Rekenen voor 't leven.

JSW en Willem Bartjens

Op een bijeenkomst van religieuzen wordt besloten een eigen tijdschrift voor onderwijsgevende kloosterlingen op te richten, Ons Eigen Blad (1912). In de loop der jaren verandert met de doelgroep ook de vormgeving en het karakter van de inhoud. Na de Tweede Wereldoorlog dragen de artikelen bij aan de roep om vernieuwing in het onderwijs. De huidige naam, Jeugd in School en Wereld (JSW), stamt uit 1959.

Willem Bartjens is een tijdschrift met artikelen over reken- en wiskundeonderwijs op de basisschool, dat aanvankelijk wordt uitgegeven door de Stichting voor Leerplanontwikkeling (SLO). In 1991 neemt Zwijsen dit tijdschrift van het SLO over. Willem Bartjens heeft basisschoolteams en PABO-studenten als doelgroep en houdt de ontwikkelingen van de vakdidactiek in het rekenonderwijs bij.

In 1999 besluit Zwijsen te stoppen met het uitgeven van tijdschriften, en verkoopt zowel JSW als Willem Bartjens. Willem Bartjens wordt verkocht aan het Freudenthal Instituut. JSW wordt verkocht aan Bekadidact.

Puk en Muk

Nog altijd zijn er verwoede verzamelaars van de populaire Puk en Mukboeken. Van 1927 tot 1985 zijn er meer dan een en een kwart miljoen boeken gedrukt met de 2 kabouterfiguurtjes in de hoofdrol. Frater Franciscus Xaverius van Ostaden ontdekt de figuurtjes, getekend door Carl Storch, in 1925 in een Duits kindertijdschrift. Bij bestaande illustraties schrijft hij onder de naam Frans Fransen het eerste Nederlandse Puk en Mukverhaal. In eerste instantie verschijnt dit als vervolgverhaal in de Engelbewaarder en in 1927 verschijnt het als boek. Het verhaal slaat geweldig aan. In de volgende 14 jaar verschijnen er nog 12 boeken van het duo Frans Fransen en Carl Storch. Door de Tweede Wereldoorlog worden de banden met Carl Storch verbroken. Leo van Grinsven illustreert na de oorlog 4 Puk en Mukboeken, maar deze hebben veel minder succes. In de jaren van 1945 tot 1960 worden de vooroorlogse series vele malen herdrukt. Het is de grootste glorietijd van de Puk en Mukboeken. In 1985 verschijnt het laatste bewerkte Puk en Mukverhaal.

Gijzeling directeur RKJW

De Tweede Wereldoorlog gaat niet geruisloos aan de drukkerij voorbij. Het ontgaat de Duitse bezetter niet dat het RKJW voor katholiek Nederland een invloedrijke onderneming is. Het RKJW krijgt daarom allerlei beperkingen opgelegd. Uiteindelijk gaat de bezetter er zelfs toe over de directeur van het RKJW, frater Ignatius Smeulders, samen met 3 andere fraters te gijzelen. Ongeveer anderhalf jaar wordt hij in Haaren vastgehouden. Deze interneringstijd valt hem zo zwaar dat hij vrij spoedig na de oorlog ontslag vraagt.

Honderdjarig bestaan RKJW

Als het RKJW in 1945 zijn honderdjarig bestaan viert, is de oorlog net voorbij. Ideeën en plannen die tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn gegroeid, worden omgezet in nieuwe methoden voor het lager onderwijs, zoals: De Meiboom, Geef acht!, Groeiende Taal en Geniet van het lied. Naar aanleiding van de vernieuwende inzichten van frater Rombouts worden ook 3 nieuwe methoden voor het vreemde talenonderwijs op de ULO uitgegeven: On modern lines, Auf neue Wegen, en Par des voies nouvelles. Het tijdschrift De Engelbewaarder beleeft nu zijn grootste bloei.

Naamsverandering Uitgeverij Zwijsen Tilburg

In 1958 verandert de drukkerij van het RKJW haar naam. Gekozen wordt voor Uitgeverij Zwijsen, omdat Mgr. Zwijsen aan de wieg heeft gestaan van het bedrijf.

Botjes boeken

Trijntsje Bottema is een onderwijzeres in Friesland. Ze werkt met de methode Veilig leren lezen en heeft daar, voor haar eigen klas, een serie leeskaarten bij gemaakt. Via een vertegenwoordiger krijgt Zwijsen de leeskaarten in handen. Zwijsen geeft daarop Maaike Jansma, een van de didactisch medewerkers van de uitgeverij, de opdracht om teksten te schrijven die nog beter zijn afgestemd op de leesontwikkeling van beginnende lezertjes. Zo ontstaan de Botjes. De Botjes zijn kartonboekjes die uitsluitend woorden bevatten die worden aangeleerd met Veilig leren lezen. Kinderen kunnen daardoor al na 6 weken leesonderwijs geheel zelfstandig zo'n boekje lezen. De Botjes-serie blijkt een schot in de roos te zijn. Door de Botjes ook aan de boekhandel aan te bieden, begeeft Zwijsen zich op een andere markt. Vanaf nu zal dit steeds vaker gebeuren en groeit Zwijsen uit tot een uitgever die zowel op het gebied van leermiddelen voor het basisonderwijs als op het gebied van kinderboeken een toonaangevende positie inneemt.

Zó leren lezen en Veilig leren lezen boom-roos-vis en maan-roos-vis

Zó leren lezen is ontstaan naar aanleiding van de afstudeerscriptie over aanvankelijk lezen van frater Caesarius Mommers. In deze scriptie concludeert hij dat er een synthese moet komen tussen de analytisch-synthetische en de globaalmethode. Het resultaat van zo'n synthese wordt aangeduid met de term 'structuurmethode'. Vervolgens krijgt hij de opdracht om zo'n methode te maken. Zó leren lezen is gemaakt voor het katholieke onderwijs, maar de structuurmethode trekt ook al snel de aandacht van niet-katholieke scholen. Door de typisch katholieke lesjes is Zó leren lezen voor hen echter niet geschikt. Daarom wordt er een 'neutrale' versie ontwikkeld, die in 1963 verschijnt: Veilig leren lezen.

Veilig leren lezen is de 'neutrale' versie van de structuurmethode Zó leren lezen, die voor het katholieke onderwijs werd ontwikkeld. In 1971 wordt Veilig leren lezen beter verkocht dan Zó leren lezen, waarna de verkoop van de katholieke versie snel terugloopt. Veilig leren lezen groeit uit tot de meestgebruikte leesmethode. Dat is de methode (na 2 herzieningen) nog steeds. In 1986 verschijnt een Turkse uitwerking van de methode, Türkçe Abece. In 1991 verschijnt onder de bezielende leiding van frater Mommers, die inmiddels is uitgeroepen tot de 'leesvader' van Nederland, een compleet nieuwe versie van Veilig leren lezen. Hierin wordt het eerste structureerwoord 'boom' veranderd in 'maan'. De nieuwe versie van Veilig leren lezen krijgt dan ook al snel de roepnaam 'maan-roos-vis', of kortweg de 'maan-versie'.

In augustus 1999 overschrijdt de verkoop van de werkboekjes bij Veilig leren lezen de 5 miljoen. In het schooljaar 1999/2000 zal dus het vijfmiljoenste kind leren lezen met Veilig leren lezen!

Educatieve software

Eind jaren tachtig doet de computer als leermiddel mondjesmaat zijn intrede in het onderwijs. Computerprogramma's blijken ideaal materiaal te zijn waarmee kinderen zelfstandig kunnen werken en daarbij onmiddellijk feedback krijgen; een reden om bij Veilig leren lezen ook software te ontwikkelen. Het eerste computerprogramma bij Veilig leren lezen wordt zeer goed ontvangen op scholen en in de vakbladen. Het is ontworpen voor MSX-computers, die helaas al snel na de verschijning van het programma uit de handel worden genomen. Wanneer er een nieuwe versie van de complete methode verschijnt, wordt er een computerprogramma ontwikkeld voor personal computers met Windows; Veilig leren lezen 1.1.

Enkele jaren geleden deed het digitale schoolbord zijn intrede in het basisonderwijs en nu zijn de interactieve schoolborden al niet meer weg te denken uit het klaslokaal. Uitgeverij Zwijsen speelde daar actief op in en ontwikkelde in 2007 de Leerkrachtassistent, digibordsoftware bij de lesmethoden. Het programma ondersteunt de instructie en verlevendigt de lessen met bewegend beeld, geluid en interactiviteit.

Inmiddels heeft Uitgeverij Zwijsen een uitgebreid assortiment van educatieve online software voor leerling en leerkracht. Voor kinderen thuis ontwikkelt Zwijsen leuke en leerzame apps.

Oprichting vennootschap Uitgeverij Zwijsen B.V.

Het aantal fraters dat werkzaam is bij de uitgeverij is sinds 1960 sterk afgenomen. In de congregatie groeit de overtuiging dat het tijd wordt om het bedrijf een grotere zelfstandigheid te geven. In 1972 valt uiteindelijk het besluit om de vennootschap Uitgeverij Zwijsen B.V. met de congregatie als aandeelhouder op te richten. Uitgeverij Zwijsen is vanaf dat moment geen huisdrukkerij van de congregatie meer, maar staat nog wel onder leiding van een frater-directeur, frater L. Wolken.

Uitgeverij Zwijsen België

Werner Verhaert, de stichter van Uitgeverij Infoboek, neemt het initiatief om de uitgaven van Zwijsen in Vlaanderen bekend te maken en te verspreiden. Het offensief om de methode Veilig leren lezen ook bij de niet-confessionele scholen onder de aandacht te brengen is hiervan een voorbeeld. De grote doorbraak in België wordt bereikt als in 1980 de vernieuwde boom-versie van Veilig leren lezen verschijnt. Daarna krijgen ook andere uitgaven van Zwijsen steeds meer aandacht in Vlaanderen. Door de positie die Zwijsen via Infoboek heeft verworven, heeft Zwijsen zijn stempel kunnen drukken op vele aspecten van onderwijs en educatie in Vlaanderen.

De Griezelbus van Paul van Loon

In de tweede helft van de jaren tachtig heroriënteert Zwijsen zich op de kinderboekenmarkt. Naar aanleiding van een contact tijdens de beurs in Bologna besluit Zwijsen te participeren in Uitgeverij Hans Elzenga. Elzenga is op dat moment vooral bekend als uitgever van vertalingen van buitenlandse tienerromans. In 1990 worden alle aandelen van Uitgeverij Hans Elzenga B.V. volledig overgenomen door Zwijsen. In 1992 wordt de B.V. omgedoopt in Zwijsen Algemeen B.V., waarin dan ook de kinderboeken van de Zwijsen-imprint worden ondergebracht. De nadruk wordt gelegd op genreboeken, zoals de griezelboeken. Het boek De griezelbus van Paul van Loon is een van de meest bekende boeken binnen het griezelfonds. Er ontstaat zelfs een heuse griezelclub naar aanleiding van dit succesvolle boek.

Fraters verkopen Uitgeverij Zwijsen aan de Weekblad Pers Groep

Frater Wolken is de laatste frater-directeur die Uitgeverij Zwijsen heeft gehad (1968-1977). Vanaf 1977 is er een tweehoofdige directie. De aandelen van het bedrijf zijn dan echter nog volledig in handen van de congregatie. Na verloop van tijd wil de congregatie echter haar aandeel in de uitgeverij terugdringen. De directie vindt daarop een geschikte aandeelhouder in de Weekbladpers Groep B.V. Op 15 april 1992 wordt de overdrachtsakte getekend.

Gerelateerde artikelen