Wereldoriëntatie krijgt meer betekenis voor de kinderen

Wereldoriëntatie krijgt meer betekenis voor de kinderen

Veilig de wereld in

In groep 3 gaat veel tijd en aandacht uit naar lezen, rekenen en schrijven. Wereldoriëntatie krijgen de kinderen vaak versnipperd aangeboden of schiet er helemaal bij in. In Veilig de wereld in komen mens en samenleving, natuur en techniek, ruimte en tijd in samenhang aan bod.

Dit bespaart tijd én vergroot de betrokkenheid van de leerlingen. Zo ervaart ook Anke Poort, leerkracht groep 3 op basisschool de Oversteek in Liempde.


Waarom hebben jullie gekozen voor Veilig de wereld in?

“We wilden in groep 3 meer thematisch werken op het gebied van wereldoriëntatie. In groep 3 werk je met verschillende lesmethoden voor taal-lezen, rekenen, schrijven en wereldoriëntatie. Die methoden hebben elk hun eigen thema’s en ze sluiten vaak niet bij elkaar aan. Veilig de wereld in sluit inhoudelijk en organisatorisch aan bij Veilig leren lezen en dat betekent dat we de twaalf thema’s van taal-lezen en wereldoriëntatie op elkaar kunnen afstemmen.”

Wat is het voordeel van de aansluiting van Veilig de wereld in bij Veilig leren lezen?

“De vakgebieden taal-lezen en wereldoriëntatie lopen op een natuurlijke manier in elkaar over. Bij Veilig leren lezen leren ze woorden die ze meteen kunnen toepassen bij Veilig de wereld in. Als opdracht hadden we bijvoorbeeld bedacht om in de bouwhoek een dokter te maken met behulp van houten blokken. De woorden teen, neus en buik verwerkten de kinderen in hun opdracht. Ze gebruikten ook begrippen als gezicht en operatie uit de lessen van Veilig leren lezen en Veilig de wereld in. Dus spelenderwijs breiden de leerlingen hun woordenschat uit en zijn ze bezig met verwerking. Ze passen toe wat ze hebben geleerd.”

Hoe bevalt een geïntegreerde methode wereldoriëntatie?

“Normaal gesproken is er weinig tijd voor de zaakvakken in groep 3. Nu kunnen we daar in een bredere context aandacht aan besteden. Bovendien krijgen deze vakken een vaste plek in het lesaanbod en voldoe je aan de kerndoelen. Een voordeel is dat de onderwerpen uitgebreider behandeld kunnen worden en voor de kinderen meer diepgang en betekenis krijgen. Je zet kinderen aan tot denken en maakt ze nieuwsgierig naar zichzelf en hun eigen omgeving.”

Kun je een voorbeeld geven van die grotere betrokkenheid?

“In de vorige kern ging het thema over Mijn lijf. Een van onze hoekactiviteiten was om jezelf op behangpapier te schilderen. De kinderen tekenden eerst de omvang van hun eigen lijf op papier en vervolgens schilderden ze er zelf aders en botten in. Ze ontdekten bijvoorbeeld dat een hart niet de vorm heeft van een ‘hartje’, zoals ze dat meestal tekenen. In gesprekken met de kinderen ben je in het verlengde hiervan ook bezig met vragen als waarom er in Liempde geen ziekenhuis staat. En waar de ziekenwagen vandaan komt. We hebben ook foto’s gemaakt van alle leerlingen. Die hebben we half afgedrukt en de andere helft moesten de kinderen zelf tekenen. Veel kinderen zijn geneigd om harkvingers aan hun hand te tekenen, maar nu kijken ze toch beter en zie je dat ze echte vingers tekenen. De kinderen gaan heel gemotiveerd en gericht met verschillende verwerkingsopdrachten aan de gang.”

Veilig de wereld in laat kinderen experimenteren en ervaren in de vorm van een hoekactiviteit. Dat gaat goed?

“Ja, het hoekenwerk vinden de kinderen heel leuk. Bij kern 1 hadden we zelf maar liefst acht hoekactiviteiten bedacht. Niet alleen in de klas, ook in de centrale hal van de school hebben we een werkplein met verschillende hoeken ingericht. Dat kan ook een tafel zijn waaraan kinderen knutselen of tekenen. In thema 2 was er een hoek ‘Wat proef ik?’. Die hadden we zelf flink uitgebreid met dingen die de kinderen konden proeven. Bij deze hoek zit ook een leerkracht of ouder om de opdracht te sturen. Ook voor jezelf is dat leuk, het is grappig om te zien dat veel kinderen bij bitter meteen denken aan bitterballen.

In kern 3 hebben we in de klas een bakkerswinketje ingericht dat aansluit bij het thema. We willen ook echt naar een bakkerij gaan waar de kinderen het hele proces van broodbakken zien. Dat maakt het levendig voor ze. En je kunt ze over dat bezoek weer een verhaaltje laten schrijven.”

De nieuwe boekenserie Lees alles over… sluit aan bij het thematisch werken van Veilig de wereld in en Veilig leren lezen. Wat zijn je ervaringen hiermee in de klas?

“De boeken staan bij ons in de klas in het thematisch boekenrek. Kinderen mogen daaruit zelf een boek pakken en ze mogen zelf ook boeken van huis meenemen. Lees alles over… kunnen ze zelf lezen en er zit ook een cd bij waarop het boek wordt voorgelezen. In het begin is het nog vooral kijken en luisteren. De thema’s sluiten aan bij die van Veilig leren lezen en Veilig de wereld in. Bijvoorbeeld het boek Lees alles over… mijn lijf kunnen we goed gebruiken bij het thema van kern 2 over het eigen lijf. En het boek Lees alles over… wat zit daar in? sluit weer mooi aan bij de bakkerij en het broodbakken. De kinderen zijn zeer enthousiast en vinden de boeken zeer interessant. Een paar kinderen heb ik het verhaal laten navertellen in de klas en ze glunderden helemaal!”

 

 

 

Deel met anderen

 Met de 'blokkendokter' spelenderwijs teen - neus - buik oefenen én werken aan woordenschat.

Met de 'blokkendokter' spelenderwijs teen - neus - buik oefenen én werken aan woordenschat.

 Het bakkerswinkeltje bij kern 3.

Het bakkerswinkeltje bij kern 3.

 Een hoekactiviteit: schilder jezelf op behangpapier.

Een hoekactiviteit: schilder jezelf op behangpapier.

 Leerlingen in de hoek 'Wat proef ik': 'bij bitter denken de leerlingen aan bitterballen'.

Leerlingen in de hoek 'Wat proef ik': 'bij bitter denken de leerlingen aan bitterballen'.