Lesgeven met WegwijsVR: zo doe je dat!

Hoewel de dagen al een beetje lengen, wordt het toch nog vrij vroeg donker. Veilig deelnemen aan het verkeer houdt echter niet op bij goede verlichting. Met de WegwijsVR-lessen bied je als leerkracht in 20 verkeerslessen veilig en leuk verkeersonderwijs! Tip: lees hier alles over de verkeersmethode WegwijsVR.

Voorbeeld van de docentenhandleiding bij de methode

Lesstof per jaargroep

WegwijsVR geeft per jaargroep lesstof voor 20 lessen en 20 opdrachten in de Virtual Reality-wereld.

Deze 20 lessen kun je als leerkracht verdelen over 20 lesweken. Je kunt hierbij kiezen voor een relatief kort en intensief traject: je geeft in een periode van 20 weken de lessen, en laat de leerlingen gedurende deze weken oefenen in de VR-wereld.

Vind je dat te intensief? Dan kun je de lesstof ook verdelen over het hele schooljaar: je geeft dan eens in de twee weken een les en je leerlingen kunnen gedurende twee weken een oefening doen in de VR-wereld. In de praktijk zien we dat het aantal computers in de klas vaak de keuze bepaalt. Heb je niet genoeg computers? Dat is ook geen probleem. Kies er dan voor om wat meer tijd in te plannen voor de lessen. Zo krijgen al je leerlingen de kan de opdrachten rustig uit te voeren.

De VR-lesopbouw

Je kunt eenvoudig je gebruikelijke lesopbouw volgen; je begint met een introductie, je geeft de leerlingen daarna een instructie. De verwerking van de stof gaat via het werkboek en met de opdracht in de virtual reality-wereld.

Om het werken in een combinatiegroep eenvoudiger te maken is er voor gekozen om de inhoudsopgave van elk werkboek grotendeels gelijk te houden. Zo staat bijvoorbeeld in les 8 voor alle jaargroepen het driehoekige bord met rode rand centraal. De oefenstof is natuurlijk wel afgestemd op de ontwikkeling van de leerlingen in de verschillende jaargroepen.

Voorbeeldvraag uit het werkboek

Een WegwijsVR-les in de praktijk

Voorbeeld les 8, jaargroep 6

Introductie: je laat de afbeelding zien die centraal staat in deze les. In deze les is dat een driehoekig bord met rode rand en in het veld twee spelende kinderen. Je vraagt of je leerlingen dit bord kennen en zo ja, waar zij dit bord wel eens gezien hebben. Staat die bord bijvoorbeeld ook in de buurt van school? De betekenis wordt besproken en ook waarom dit bord er staat.

Instructie: je bespreekt samen met je groep de uitleg in het werkboek. De informatie uit de spreekwolk wordt door een van de leerlingen voorgelezen en de borden worden één voor één bekeken. Hierna wordt zo nodig aangegeven wat de bedoeling is bij de opdrachten en geef je aan welke VR-opdracht er gemaakt kan worden.

Verwerking: laat je leerlingen (bij voorkeur in tweetallen) aan de slag gaan met het werkboekje. Op die manier kunnen kinderen de oplossingen van de opdrachten samen bespreken. Daarna laat je de leerlingen individueel de opdracht op de computer maken.

Evaluatie: nadat alle leerlingen de opdrachten in het werkboek hebben gemaakt worden deze klassikaal nabesproken. In de docententoelichting wordt aangegeven wat de aandachtspunten bij het nabespreken zijn.

Reacties (0)

Geef een antwoord

Jouw email wordt niet gepubliceerd.

Toegevoegd aan winkelmand

Naar winkelmandje