21e eeuwse vaardigheden oefenen in de klas

1 februari 2018

21e eeuwse vaardigheden worden gezien als de competenties die leerlingen nodig hebben in de maatschappij van de toekomst. Om leerlingen hier goed op voor te bereiden is het belangrijk deze competenties een plek te geven in het onderwijs.

Je ontdekt hier hoe je enkele vaardigheden direct toepast in de klas met vijf spellen of oefeningen:

Vaardigheid 1: Zelfregulering - voor groep 1-2
Vaardigheid 2: Creativiteit - voor groep 3-4
Vaardigheid 3: Samenwerken - voor groep 3-4
Vaardigheid 4: Kritisch denken - voor groep 5-8
Vaardigheid 5: Digitale geletterdheid - groep 7-8

 

 

Vaardigheid 1 - Zelfregulering

 

Oefening: Het rollenspel

Voor: groep 1-2

Materiaal: rolpicto’s van Pompom en zijn familie (PDF)

Alle kleuters kiezen tijdens het speelwerken voor een hoek. Vier kleuters kiezen voor de huishoek. Dit is het huis van oma waar veel verschillende dieren en knuffels wonen. In het asiel (de speelhoek) gaan Pompom en Loeloe een dier uitzoeken voor Loeloe. Voordat ze starten met spelen, maken de kleuters (eerst onder begeleiding van de leerkracht en later zelfstandig) onderling afspraken.

In het vooraf plannen zit de waarde van het spel. Wie is de Pompom? En wie Loeloe? Welke materialen hebben we nodig? Wat gaat er gebeuren? Bij het plannen van het rollenspel sturen de kleuters elkaar: kleuters vertellen elkaar wat ze in een bepaald scenario kunnen of moeten doen. Kleuters leren zich flexibel aan te passen aan nieuwe spelideeën van medekleuters, omdat het spel misschien niet volledig overeenkomt met hun eigen ideeën of wensen. 

Als voorbeeld: Jules  heeft de rol van Pompom gekozen. Plots gaat Jules spelen dat hij oma is. Andere kinderen spreken hem aan op het feit dat hij uit zijn rol valt. Hij gaat kijken op de tekening met de rolverdeling en het vooraf bepaalde spelscenario. “Oh ja, ik was de Pompom”. 

Bouw de begeleiding als leerkracht steeds meer af.

Uit: Schatkist editie 3, totaalaanbod voor kleuters

 

Vaardigheid 2 - Creativiteit

 

Oefening: Om de beurt

Voor: groep 3-4

Materiaal: Een of meer eierwekkers

Verdeel de leerlingen in tweetallen. In het ideale geval heeft ieder tweetal bij deze activiteit een eigen eierwekker. Lukt dat niet, dan volstaat één eierwekker. 

Het doel is om zo veel mogelijk voorbeelden van een verzameling te geven, bijvoorbeeld:

  • Noem zo veel mogelijk soorten kriebeldieren.
  • Noem zo veel mogelijk voorwerpen die je in een keuken tegenkomt.
  • Aan de hand van een kopie met verkeersborden: wat betekenen de verkeersborden?

De antwoordtijd gaat in als de eierwekker is ingesteld op 1 minuut. Degene die de wekker vast heeft, noemt als eerste een dier, voorwerp of betekenis van een verkeersbord en geeft dan snel de eierwekker aan nummer 2. Die doet hetzelfde en geeft de wekker weer aan 1.

Degene die de wekker in handen heeft als deze na 1 minuut afloopt heeft verloren. Daarna verwoorden enkele tweetallen hun ervaringen in de kring: Wie heeft er gewonnen? Heeft die volgens jullie ook de meeste namen genoemd? Welke dieren, voorwerpen of borden kende je nog niet?

Uit: De Zaken van Zwijsen, methoden voor de zaakvakken

 

Vaardigheid 3 - Samenwerken 

 

Oefening: Het brainstorm spel

Voor: groep 3-4

Materiaal: Een of meer eierwekkers, blokje, hoed (of bakje)

Verdeel de leerlingen in groepjes van vier. Een van de vier leerlingen is de scheidsrechter. Ieder groepje heeft een stapel blokjes. In het midden van de groep ligt een omgekeerde hoed of staat een bakje. 

Geef de opdracht, bijvoorbeeld:
• Bedenk zo veel mogelijk voorwerpen die van ijzer zijn gemaakt.
• Noem zo veel mogelijk plantensoorten.
• Noem zo veel mogelijk lichaamsdelen die je niet van buiten kunt zien.

Stel een eierwekker of klok in op bijvoorbeeld 1 minuut. Om de beurt mag een leerling een voorwerp, plant of lichaamsdeel noemen. Voor elk item werpt de scheidsrechter een blokje in de hoed. Welke groep heeft na afloop de meeste blokjes in de hoed? 

Na afloop vertellen de scheidsrechters over de ervaringen binnen zijn groepje in de kring: Noem voorbeelden van antwoorden. Zijn er foute antwoorden gegeven? Welk antwoord vond jij het leukste of meest onverwacht?

Uit: De Zaken van Zwijsen, methoden voor de zaakvakken

 

Vaardigheid 4 - Kritisch denken


Oefening: Argumenteren over nieuwsitem

Voor: groep 5-8

Materiaal: Actueel nieuwsitem, stelling + computer

Introduceer de les door een eenvoudig voorbeeld van een stelling te geven. Bijvoorbeeld ‘voetballen is altijd leuk om te doen’. Laat leerlingen de voor- en tegenargumenten benoemen en schrijf deze op. 

Laat vervolgens een uitzending van het jeugdjournaal zien. Aan de hand van dit nieuwsitem kun je met de leerlingen gezamenlijk een stelling bedenken. Je geeft de leerlingen de opdracht om voor- en tegenargumenten te bedenken. De leerlingen mogen hierbij gebruik maken van de computer. De leerlingen gaan zelfstandig aan de slag met het maken van de argumenten.

Je kunt leerlingen begeleiden door de volgende vragen: Hoe denk jij er zelf over? Hoe denk je dat die mensen erover denken? Waarom voeren ze het op deze manier uit? Vind jij dat een goede manier? 

Vervolgens kunnen leerlingen onderling overleggen welke argumenten ze verzonnen hebben en samen kijken welke argumenten minder sterk zijn. Laat de leerlingen in debat gaan met elkaar over het onderwerp.

Uit: Onderwijs maak je samen

 

Vaardigheid 5 - Digitale geletterdheid

 

Oefening: Internetspeurtocht

Voor: groep 7-8

Materiaal: Een computer

De website webdetective.nl leert je kritisch naar informatie te kijken. Begin bij de speuropdrachten om te leren hoe je moet zoeken, hoe je informatie controleert op betrouwbaarheid en hoe je slim gebruik maakt van een zoekmachine.

Daarnaast mag je de kennis die je opdoet direct in de praktijk brengen met behulp van een internetspeurtocht. Wist jij dat je Google Maps kunt gebruiken om in een museum te kijken? Of dat je kranten van wel 100 jaar oud kunt lezen?

Maak de quiz, verdien een jokercode en help Jimmy om te ontsnappen uit de virtual reality wereld!

Uit: de Nationale bibliotheek van Nederland

Er zijn nog geen reacties.