5 Leuke waterspelletjes voor rekenlessen in de zomer

24 juni 2020

rekenlessen-groep-3-waterspelletjes-thumbnailpngHet wordt tropisch warm de komende dagen. Zin in een leuke en verkoelende rekenles? Schuif de rekenboeken aan de kant en verwerk de leerstof met waterspelletjes op het plein. Met de tips in dit artikel heb je gegarandeerd een verfrissende rekenles. De speltips zijn bedacht door Petra Kroon. Met haar vernieuwde aanpak van het rekenonderwijs in groep 3 won zij de Drentse onderwijsprijs.

De spelletjes zijn direct te gebruiken voor groep 3 en met enkele aanpassingen ook heel geschikt in andere groepen én voor thuis. Gebruik bijvoorbeeld de antwoorden van een bepaalde tafel, noem sommen waar je nu mee bezig bent, verklein het getalgebied naar 10 of verruim het tot 1000. Denk ook eens aan breuken. Ook die kun je optellen en van klein naar groot leggen.

Tip 1: sponzen

Dit heb je nodig:

  • Sponzen (bijv. schuursponsjes)
  • Emmers
  • Stoepkrijt

Overgooien met de spons

Dit is een leuke warming-up (of juist een goede cooling-down) van de waterrekenles. Zet alle kinderen in een kring en ga zelf in het midden staan. Zeg een som en gooi de spons naar iemand in de kring. Die geeft een antwoord en gooit de spons weer terug. Probeer dit spel vlot te spelen en maak af en toe de spons weer nat.

Spons-darten

Teken met stoepkrijt een groot dartbord op het plein. Schrijf in elke cirkel een getal van 1 tot 10. Zet bij elk dartbord een emmer met water neer met drie sponzen erin. Ieder kind mag drie keer gooien. Na elke drie worpen tellen de kinderen de punten bij elkaar op. De som kan eventueel opgeschreven worden op een wisbord of met stoepkrijt op het plein. Wie heeft het meest gegooid?

Differentiatie in je les? Maak dan meerdere dartborden met andere getallen. Zo kan iedereen op zijn of haar eigen niveau sommetjes maken.

Zoek het antwoord

Schrijf met watervaste stift sommen op diverse sponzen. Zorg dat de antwoorden op het schoolplein te vinden zijn. Met stoepkrijt kun je bijvoorbeeld de cijfers op de grond schrijven of print de antwoorden uit en leg de gelamineerde vellen (verspreid) op het plein. De kinderen moeten zo snel mogelijk de spons op het goede antwoord gooien.

Wil je niet op de sponzen schrijven? Roep dan zelf een som. In plaats van sponzen kun je nu ook gebruikmaken van een waterpistool. De kinderen spuiten dan op het goede antwoord. Je bent heel dapper als je zelf ook een antwoord vasthoudt. Succes verzekerd voor de kinderen.

Tip 2: flessen en een bal

Dit heb je nodig:

  • 10 flessen
  • Watervaste stift
  • Stoepkrijt
  • 2 Emmers
  • 2 Ballen

Bowlen

Nummer 10 flessen met de getallen 1 t/m 5. Alle getallen komen dus twee keer voor. Vul deze flessen met water. Laat de flessen eerst dicht. Verdeel de flessen eerlijk over twee groepjes. Ieder groepje mag zelf bedenken hoe de flessen neergezet worden, zolang ze binnen hun eigen vierkant blijven. Teken deze vierkanten van te voren al met stoepkrijt uit of geef aan hoeveel tegels er gebruikt mogen worden.

De twee groepjes spelen tegen elkaar. Eén speler van een groepje rolt met de bal. Dit gaat tegelijkertijd met iemand uit het andere groepje. Het doel is om zoveel mogelijk eigen flessen om te rollen. Rol je per ongeluk flessen van je tegenspeler om? Dan heeft dat team extra punten. Na elke beurt worden de punten opgeschreven en mogen de flessen weer rechtgezet worden. Als iedereen geweest is, worden de punten bij elkaar opgeteld. Het groepje met de meeste punten wint.

Rol de bal en scoor bij de ander!

Draai nu de doppen van de fles los. Als je aan de beurt bent, probeer je de flessen van je tegenspeler om te rollen. Iemand van de tegenpartij staat achter zijn eigen flessen om deze zo snel mogelijk weer overeind te zetten. Iedere teamspeler mag één keer met de bal rollen en de eigen flessen omhoog zetten. Aan het einde vullen beide groepjes een eigen emmer met het overgebleven water. Welk groepje heeft het meeste water overgehouden? Dat team heeft gewonnen. Wil je dit zo eerlijk mogelijk meten? Leg er dan eventueel meetinstrumenten bij, zoals een liniaal of een litermaat.  

Tip 3: pingpongballen

Dit heb je nodig:

  • Watertafel
  • Pingpongballen (In plaats van pingpongballen kun je ook andere voorwerpen gebruiken, zoals duplo-blokjes, badeendjes of schelpen)
  • Watervaste stift
  • Schepnetje

Vul buiten een watertafel met water. Stop daar genummerde pingpongballen in. Nummer deze tot 30 (begin van groep 3) en tot 100 (aan het eind van groep 3). Leg een schepnetje bij de watertafel. De kinderen krijgen twee pogingen om spullen uit het water te vissen. Daarna leggen ze de voorwerpen van klein naar groot.

Tip 4: drijven en zinken

Dit heb je nodig:

  • Bak met water
  • Mand met diverse voorwerpen
  • Aluminiumfolie
  • Knikkers

Experimenteren

Zet een bak met water op het plein en een mand vol materialen. Laat de kinderen van tevoren spullen verdelen in wel zinken / niet zinken. Daarna gaan ze kijken of dit klopt. Bespreek op een later moment de ervaringen in de klas.

Bootje en knikkers

Wil je een meer sturende opdracht? Dan is de volgende activiteit leuk om te doen. Ieder groepje vouwt een bootje van aluminiumfolie. Aangezien vouwen een rekenonderdeel is, laat je de kinderen dit zelf doen aan de hand van een stappenplan. Laat de kinderen raden hoeveel knikkers er op het bootje passen voordat deze gaat zinken. Voer dit proefje uit. Zinkt het bootje, dan worden alle knikkers geteld. Welk groepje kan de meeste knikkers plaatsen?

Tip 5: verven met water

Dit heb je nodig:

  • Kwasten
  • Potjes water
  • Stoepkrijt

Zorg voor voldoende kwasten en potjes met water. Gebruik de gelamineerde getallen of schrijf weer met stoepkrijt allerlei getallen op. De kinderen bedenken een som bij het getal en schrijven dit met water op het plein.

Buiten rekencircuit

Wil je meerdere wateractiviteiten in één les doen? Maak dan een rekencircuit van bovenstaande activiteiten. De spellen zijn eenvoudig in kleine groepjes te spelen. Wissel steeds na een paar minuten van activiteit. Vraag eventueel hulp aan leerlingen in de bovenbouw. Je collega’s willen ze vast een keer uitlenen om samen te rekenen. Op deze wijze kunnen de bovenbouwleerlingen je assisteren bij het begeleiden van de groepjes en heb jijzelf je handen vrij om al het water te ontwijken.

Rekenmethode in ontwikkeling: Semsom

Huidige rekenmethodes hanteren dezelfde lesopzet voor groep 3 en groep 8. Bij Zwijsen weten we uit ervaring dat leerlingen uit groep 3 anders zijn dan leerlingen uit groep 8 en daarom komen wij met een rekenmethode die speciaal ontwikkeld is voor de behoeftes van leerlingen in groep 3. Wil jij meedenken in de ontwikkeling of op de hoogte blijven?

Meld je hier aan voor de nieuwsbrief  of lees eerst meer over Semsom

 


Over de auteur: Petra Kroon is leerkracht van groep 3. Ze heeft de Master SEN-opleiding afgerond gericht op leren en gedrag, is rekencoördinator en is de oprichtster van www.derekenhoek.nl. In 2017- 2019 won ze de Drentse onderwijsprijs met haar vernieuwde aanpak van het rekenonderwijs in groep 3.

Er zijn nog geen reacties.