‘Ze leren ook wat ze met hun houding kunnen vertellen’

7 april 2017

Vijf jaar geleden stapte het team van De Bogaard over op Taal in Beeld en Spelling in Beeld. Leonie: “In het verleden werkten we met losse methoden voor taal en spelling, maar dat vonden we niet praktisch.” Zo behandelden ze in de taalles woorden die de kinderen bij spelling nog niet gehad hadden. Neeltje: “Of andersom. Taal in beeld en Spelling in beeld van Zwijsen sluiten wél op elkaar aan.”

Overzichtelijk

Ook de overzichtelijkheid van de werkboeken spreekt de leerkrachten aan. Neeltje: “De vaste structuur is praktisch. Eerst halen we voorkennis op, dan volgt het instructiemoment en daarna de verwerking. Het doel staat er bij iedere les ook duidelijk bij.” De uitlegkaarten van Spelling in beeld vormden ook een doorslaggevende factor. “Hierin staan alle regels uitgelegd”, gaat Neeltje verder.

“In het werkboekje staat aangegeven welke uitlegkaarten bij de opdrachten horen. Dus als mijn leerlingen iets niet meer weten, pakken ze de kaarten erbij.” Leonie: “Spelling in beeld heeft ongeveer dezelfde aanpak als Taal in beeld en dat maakt het vertrouwd.” Ook vinden deze leerkrachten het praktisch om meerdere methoden van één uitgeverij te gebruiken. Neeltje: “We werken ook met Wizwijs, de rekenmethode van Zwijsen.”

Werk uit handen

Vooral bij de digitale aspecten neemt deze methode de leerkrachten veel werk uit handen. Leonie: “De Toetssite adviseert over de best passende aanpak voor elk kind.” Neeltje: “Ook de herhalingsbladen voor kinderen die op bepaalde onderwerpen uitvallen, komen er automatisch uitrollen.” Alle kinderen in de bovenbouw hebben een Chrome-book en maken de toetsen digitaal.

Vrijheid

Leonie en Neeltje prijzen de gevarieerdheid van de nieuwste versie van de methode. Neeltje: “De variatie in de lessen zorgt ervoor dat kinderen alle aspecten van taal aangeboden krijgen.” Leonie bevestigt: “Inderdaad, de methode besteedt ook aandacht aan luisteren naar elkaar, aan wat goede luister- en spreekhoudingen zijn, aan taal in zijn breedste vorm dus.”

Maar de methode biedt leerkrachten ook vrijheid om extra aandacht te besteden aan bepaalde aspecten. Leonie: “Taalbeschouwing wordt goed aangeboden. De methode gaat hierin ver: in groep 6 leren kinderen al wat een bijwoordelijke bepaling is. Maar dit onderwerp wordt slechts één keer aangeboden. Dat vinden wij te weinig.” Neeltje bedacht hiervoor de volgende oplossing: “Voorafgaand aan de toets pak ik de lessen taalbeschouwing er weer bij en laat ik mijn leerlingen de uitleg over wat bijvoorbeeld een bijwoord, een lidwoord, een zelfstandig naamwoord is, nog eens lezen.”

De leukste lessen

Ook de leerlingen uit de groepen 6 en 8 zijn positief over de taal- en spellinglessen. Neeltje: “Ik zie mijn leerlingen altijd met enthousiasme aan taal en spelling werken. Neem bijvoorbeeld de debatteeroefening. Toen ze die laatst deden, hoorde ik een hoop geroezemoes. Ik vroeg me af waar ze mee bezig waren, maar tijdens het rondlopen, hoorde ik dat ze allemaal met de opdracht bezig waren. Ze voerden prachtige gesprekken.”

In groep 6 maakt de methode een begin met debatteren. Leonie: “De kinderen leren dat ze argumenten moeten geven en elkaar moeten proberen te overtuigen.” Ze hoort geen enkele leerling ooit zeggen dat hij geen zin in taal heeft. “Bij de vorige methode hoorde ik dit regelmatig.” Vooral de uitlegfilmpjes in de methode kunnen op groot enthousiasme van de leerlingen uit groep 6 rekenen. Neeltje: “De debatteerlessen waarin ze zelf aan de slag gaan, hun mening geven en discussiëren, vindt mijn groep 8 veruit de leukste lessen.”

Spreekles

Neeltje is zelf erg blij met hoe het onderdeel spreken ingevuld is. “Laatst ging de les over feedback geven. Mijn leerlingen leerden hoe ze feedback kunnen geven en dat ze altijd met iets positiefs moeten beginnen. De methode pakt erg door naar wat kinderen straks moeten kunnen met taal; luisteren, spreken, een verhaal schrijven, meningen beargumenteren…dat is waar je taal voor nodig hebt.”

Deze leerkrachten van De Bogaard noemen Taal in beeld en Spelling in beeld zeer complete methoden, zowel voor de kinderen als voor henzelf. Neeltje: “De kinderen leren bijvoorbeeld presenteren, dus hoe ze voor de klas kunnen gaan staan, waar ze op moeten letten….ze leren echt waar taal voor nodig is.” Leonie: “Dat ze leren wat ze met hun houding kunnen vertellen, vind ik een meerwaarde.”

Extra uitdaging met Taalmaker

Neeltje en Leonie zetten leerlingen die tijd hebben voor extra uitdaging aan het werk met Taalmaker. Taalmaker biedt creatieve opdrachten waarbij leerlingen taal leren toepassen. Eén van de opdrachten hierin is het maken van een advertentie of een presentatie van woorden over een bepaald onderwerp. Neeltje: “In groep 8 kunnen ze hier goed mee uit de voeten.” In groep 6 is dat minder. Leonie: “Ik laat mijn aanpak 3 leerlingen iedere week een schrijfopdracht doen uit de methode. De andere twee lessen geef ik ze creatieve opdrachten die ik van internet haal of uit een oude spelkist. Hoewel wat gedateerd, zijn de opdrachten uit deze kist creatief en de kinderen vinden ze erg leuk.”

Er zijn nog geen reacties.