Je winkelwagen is momenteel leeg!
Spelen en bewegen zijn twee ontzettend belangrijke pijlers binnen de persoonlijke ontwikkeling van een kind. Door plezier te maken, ontwikkelen en verbeteren kinderen immers talloze belangrijke vaardigheden zoals de grove en fijne motoriek, creatief denkvermogen en ruimtelijk zicht. In de serie ‘Tips voor spelend leren in groep 3’ verzamelde Zwijsen daarom diverse opdrachten die leerkrachten in hun keuzewerk op kunnen nemen. Leuk, efficiënt en direct toepasbaar!
Spelend leren in kern 6
In dit artikel vind je twee keuzeopdrachten bij kern 6 van Veilig leren lezen kim-versie, namelijk:
In kern 6 leren kinderen 3 nieuwe klinkers: de au, de ui en de ei. Met behulp van het klinkerspel kunnen kinderen oefenen met het uitluisteren van deze klinkers om zo de teken-klankkoppeling van de letters te versterken.
Vanaf het moment dat kinderen woorden kunnen lezen, is het ook belangrijk daar betekenis aan te koppelen. Met het dobbelspel kun je dit stimuleren door je groep te laten zoeken naar woorden die binnen een bepaalde context passen. Op een dobbelsteen staan 5 onvoltooide zinnen die aangevuld kunnen worden met woorden van een spelbord. Om de beurt gooien de kinderen met de dobbelsteen. Het kind dat aan de beurt is, leest vanaf het begin de nog niet doorgestreepte woorden en stopt bij een woord op het spelbord dat past bij de zin op de dobbelsteen. De groep bepaalt of het door de speler gekozen woord goed past bij die zin. Pas dan mag de speler het woord doorstrepen.