Je winkelwagen is momenteel leeg!
Veelgestelde vragen Code D
Algemeen
Code staat voor decoderen en ontcijferen want met Code D ontdekken de leerlingen de wereld op een actieve manier. De D staat voor denken, doen en doordenken, want dat doen de leerlingen met de opdrachten van Code D.
Code D is voor groep 4 t/m 8.
Komen er ook lessen voor groep 3?
Voor scholen die met Veilig leren lezen Zoem werken zijn er extra lessen labwerk en burgerschap van Code D beschikbaar in de leerkrachtsoftware van Veilig leren lezen Zoem.
Ja, en de vakgebieden die van nature al bij elkaar passen, zijn met elkaar gecombineerd:
- mens en maatschappij ā geschiedenis en aardrijkskunde (sociale geografie)
- mens en natuur ā natuur & techniek en aardrijkskunde (fysische geografie)
Door een combinatie van 2 vakgebieden aan te bieden kunnen de kinderen verbanden leggen. En daardoor krijgen ze meer grip op de wereld. En op deze manier blijft de chronologie van de geschiedenis bewaard: deze themaās moeten lineair aangeboden worden. De themaās van Mens en natuur kunnen naar eigen believen aangeboden worden. In het voortgezet onderwijs wordt ook zeer regelmatig deze keuze gemaakt en er zijn geluiden dat dit ook in de nieuwe kerndoelen zal worden opgenomen.
Ja. Met Code D voldoe je volledig aan de nieuwe kerndoelen āOriĆ«ntatie op jezelf en de wereldā Ć©n aan de kerndoelen ‘Burgerschap’.
Jazeker, bij Code D vind je per thema extra teksten voor begrijpend lezen, die helemaal aansluiten bij de themaās van Code D met extra vragen volgens de principes van Close Reading. Zo werk je kerndoeldekkend aan Tekstbegrip.
Inhoud
Het zijn opdrachten waarbij we van de leerlingen vragen om goed te kijken en goed na te denken. De kijk- en denkopdrachten vragen net even wat meer tijd, geduld en vaardigheden. Een antwoord wordt besproken in tweetallen of groepjes. Door met argumenten te komen en te luisteren naar argumenten verfijnen leerlingen hun denken en kijken. En de inhoud van de opdracht beklijft!
Jazeker! Er is een volledige leerlijn vaardigheden toegevoegd aan de inhoudelijke leerlijn. In elke les staan kijk- en denkopdrachten centraal. In deze opdrachten gaat de leerling middels een aangeboden vaardigheid op zoek in de bronnen. Per les is er 1 vaardigheid uitgekozen waar speciale aandacht aan wordt gegeven. Hier staat een observatiepunt voor in de lesbeschrijving en een aantal vragen hoe u de leerlingen verder kunt helpen. Dus kennis en vaardigheden staan centraal in Code D.
Ja. Alle opdrachten van Code D zijn kijk- en denkopdrachten en deze opdrachten doen stuk voor stuk een beroep op verschillende vaardigheden van de leerlingen, zoals kritisch en creatief denken, logisch redeneren en communiceren. Dat geldt ook voor de burgerschapsles en de les onderzoekend en ontwerpend leren in ieder thema. Alle 21e eeuwse vaardigheden zijn op deze manier gedekt.
Ja. In 80% van de opdrachten werken de kinderen samen. Code D gelooft in de kracht van samen leren en samen werken. Samen overleggen, logisch redeneren, dieper nadenken, argumenteren, dat is de kracht van Code D.
Waarom vindt Code D samenwerken zo belangrijk?
- Antwoorden met elkaar bespreken zorgt voor meer begrip.
- Interactie verscherpt het beeld.
Door samenwerken gaan kinderen als vanzelf vaktaal opnemen binnen hun eigen taalgebruik.
Ja, met Code D werk je kerndoeldekkend aan burgerschap. Met Code D geef je doelgericht en gestructureerd vorm aan burgerschapsonderwijs, als vast onderdeel van je bestaande lessen. Burgerschap en wereldoriëntatie vormen namelijk een logisch en krachtig duo.
Les 5 van ieder thema is een burgerschapsles waarin maatschappelijke themaās aan bod komen die logisch voortvloeien uit de andere lessen in het thema. Dus eerst bieden we met Code D kennis aan zodat kinderen gefundeerd deelnemen aan de burgerschapsles. Voorbeelden zijn: Waarom is een land een land? Waar kun je in geloven? Verbeter je wijk. Hebben dieren recht op privacy? Wat moeten we doen met de gouden koets? Per leerjaar zijn er 10 burgerschapslessen. Ook in de andere lessen werk je aan burgerschap. Dankzij de doorgaande leerlijn vaardigheden vanĀ Code DĀ oefenen ze bij ieder thema met kritisch denken, argumenteren en overleggen, in verschillende werkvormen.
In Code D leren de leerlingen topografie in vijf stappen, met behulp van het digitale oefenprogramma Topotour:
- Oriƫnteren: klassikaal met een klassikale opdracht, leerkrachtgestuurd.
- Leren: met een blinde kaart of in Topotour, individueel.
- Oefenen: met snelle testjes in Topotour, individueel.
- Gebruiken: met toepassingsopdrachten in Topotour, individueel.
- Herhalen: met snelle testjes in Topotour, individueel.
Na elk thema maken de kinderen individueel een topografietoets in Topotour.
Welke topografielijst gebruikt Code D?
Code D gebruikt de lijst die voorheen door het Cito gemaakt werd, en die nu onderhouden wordt door het SLO. Op deze lijst staan 300 topografische namen (toponiemen): 100 toponiemen in Nederland, 100 in de rest van Europa en 100 in de rest van de wereld. In Code D is deze lijst waar nodig aangevuld met toponiemen die passen bij het thema.
Organisatie
Als je alle startlessen en OOL-lessen geeft, kom je aan 80 lesuren per leerjaar (2 keer per week een les met Code D). Als je deze lessen overslaat, kom je aan 60 lesuren per leerjaar (2 keer per week een les met Code D). En daartussen kun je je eigen keuze maken: als een thema de leerlingen erg aanspreekt, kun je er deze keer voor kiezen om wel de OOL-les te geven.
Ja. Voor Code D gebruiken we het combinatiemodel dat binnen wereldoriƫntatie heel gangbaar is: de leerkracht geeft aan groep 5/6 dezelfde les aan beide groepen. Het ene jaar start de leerkracht met het materiaal van groep 5 en het volgende leerjaar start de leerkracht met het materiaal van groep 6. Om ervoor te zorgen dat de leerlingen die in groep 5 zitten en starten met het materiaal van groep 6, ook de chronologische geschiedenis aangeboden krijgen, maken we enkele lessen (het opstapprogramma) voorafgaand aan de werkboeken van groep 6. Hierin krijgen de leerlingen uit groep 5 de geschiedenis tot de Middeleeuwen in vogelvlucht aangeboden. Dit geldt ook voor de groepen 7/8. Hierbij is echter geen opstapprogramma nodig, aangezien deze leerlingen de Nederlandse geschiedenis al een keer hebben doorlopen.
Jazeker! Met Mens en natuur is dit heel goed mogelijk. Elk eerste thema heeft in elk leerjaar hetzelfde centrale onderwerp, namelijk de aarde. Alle themaās 2 hebben als centraal thema āBalansāā. Elk derde thema gaat over ontdekkingen, het vierde thema over overleven en het vijfde thema over mensen.
Ja, de thema’s in Code D hebben een vaste volgorde. Geschiedenis zit chronologisch in de themaās mens en maatschappij. Die themaās hebben dus een vaste volgorde. Ook de themaās mens en natuur hebben een vaste volgorde, maar hier kun je desgewenst van afwijken, voor schoolbrede projecten over een bepaald onderwerp bijvoorbeeld.
Het is mogelijk om de thema’s los te bestellen. Om de kerndoelen af te dekken adviseren we om de hele methode, dus Mens en maatschappij en Mens en natuur aan te schaffen. Maar als er andere zwaarwegende redenen zijn waarom niet alle themaās aangeboden kunnen worden, dan is het mogelijk om losse themaās aan te schaffen. Uiteraard is dit de verantwoordelijkheid van de school.
Nee, je kunt ook eerst een thema mens en maatschappij afronden en dan een thema mens en natuur aanbieden. Door beide vakgebieden elke week te geven is Code D eenvoudig te verdelen bij een duobaan.
Nee. Het kernwoord van Code D is dat de methode rijk maar behapbaar is. De leerlingen kunnen de opdrachten maken zonder dat daar allerlei extra materialen voor nodig zijn. En voor jou als leerkracht is de voorbereidingstijd beperkt. Alle lessen worden ondersteund met het digibord en in de themahandleiding zijn ze compact en overzichtelijk uitgewerkt. Als je de handleiding omdraait, heb je een inspiratiemagazine, de Doris, passend bij dit thema. Hierin staat handige achtergrondinformatie, tips en inspiratie om vooraf door te nemen. Per thema is er 1 magazine/handleiding voor jou.
Materiaal
Nee. Er is bewust gekozen voor een papieren methode, omdat de kijk- en denkopdrachten zich niet lenen voor digitale verwerking. Wij geloven in de kracht van werken op papier bij wereldoriƫntatie. Ook het samenwerken is bij Code D van cruciaal belang. Hierbij voegt een digitale drager geen meerwaarde. Leerkrachten van de pilot gaven ook aan het prettig te vinden een keer les te geven zonder de computer. Er is wel oefensoftware voor topografie, namelijk het oefenprogramma Topotour voor op school en thuis.
Tekstbegrip
Code D Tekstbegrip biedt themagebonden lessen begrijpend/studerend lezen bij Code D. Bij elk thema lezen de leerlingen twee rijke, authentieke (literaire en informatieve) teksten, volgens de didactiek van Close Reading. Code D Tekstbegrip sluit volledig aan bij de wereldoriĆ«ntatiethemaās van Code D. Zo werk je doelgericht aan lezen Ć©n WO in ƩƩn lijn.
Code D Tekstbegrip is er voor groep 4 t/m 8, met start vanaf schooljaar 2026ā2027.
Tekstbegrip binnen Code D is overzichtelijk en thematisch opgebouwd. Elk schooljaar bestaat uit 10 themaās:
- 5 themaās Mens & Maatschappij
- 5 themaās Mens & Natuur
Opbouw per thema
- Elk thema bevat 5 lessen:
- 4 lessen leesbegrip
- 1 les studerend lezen
- Elke les duurt 45 minuten
- Dit geldt voor groep 5 t/m 8
- In groep 4 bevat een thema geen les studerend lezen
Totaal aantal lessen per schooljaar
Met 10 themaās per jaar komt dit neer op 50 lessen Tekstbegrip van 45 minuten per schooljaar.
De kracht van Code D Tekstbegrip zit in de samenhang met de wereldoriĆ«ntatiethemaās. De teksten sluiten volledig aan bij de themaās Mens & Maatschappij en Mens & Natuur.
Deze expliciete koppeling is bewust gekozen: kennis van de wereld leidt tot beter tekstbegrip, en andersom zorgen teksten die aansluiten bij de themaās ervoor dat onderwerpen meer betekenis krijgen en gaan leven. Hierdoor raken leerlingen gemotiveerder en verdiepen zij zich zowel inhoudelijk als begrijpend in de teksten.
Door Tekstbegrip en wereldoriƫntatie thematisch te verbinden, versterkt Code D beide leergebieden tegelijkertijd.
Code D Tekstbegrip werkt met een aantal bewezen didactische uitgangspunten die bijdragen aan beter begrijpend lezen.
De belangrijkste uitgangspunten zijn:
- Close Reading: leerlingen lezen teksten meerdere keren met een duidelijke leesdoelstelling, waardoor het tekstbegrip wordt verdiept.
- Gerichte aandacht voor woordenschat en tekststructuur: op een vast moment in de les wordt expliciet gewerkt aan moeilijke woorden en de opbouw van teksten (zoals signaalwoorden en alinea-indeling).
- Modeling volgens het GRIMM-model: de leerkracht doet het lees- en denkproces hardop voor, zodat leerlingen leren hoe je een tekst begrijpt en analyseert.
- Expliciet āstuderend lezenā: leerlingen leren informatie doelgericht te verwerken, te ordenen en te onthouden, bijvoorbeeld door vragen te beantwoorden, te markeren of samen te vatten.
Door deze didactische aanpak ondersteunt Code D Tekstbegrip leerlingen bij het ontwikkelen van een dieper tekstbegrip.
Code D mens en maatschappij/mens en natuur
| WEEK 1 | WEEK 2 | WEEK 3 | WEEK 4 |
| Les 1 | Kaartles | Les 4 | Les 6 (OOL) |
| Les 2 | Les 3 | Les 5 (burgerschap) | Les 7 (toets) |
Code D Tekstbegrip
| WEEK 1 | WEEK 2 | WEEK 3 | WEEK 4 |
| Les 1 (teskts A) | Les 3 (teskts B) | Les 5 (studerend lezen) | Uitloopweek |
| Les 2 (teskts A) | Les 4 (teskts B) | studerend lezen met een informatietekst naar keuze | Uitloopweek |
Zoals de schema’s laat zien, werkt de leerling 4 keer per week met het thema van Code D.ā
Je begint altijd met de Wereldoriƫntatielessen van Code D. Daarna ga je de opgedane kennis uitbouwen met de lessen Tekstbegrip van Code D.
Voor de leerlingen: een Bronnenboek Tekstbegrip (met daarin de teksten) en een Werkboek Tekstbegrip (met daarin de opdrachten). Voor de leerkracht: compacte handleiding en leerkrachtsoftware (incl. toetsen als printblad).
Er zijn 4 toetsen per jaar. De toets is een soort peiling hoe gaat het met Tekstbegrip. ā
Een school bepaalt zelf of ze willen toetsen en wanneer.ā
Wil je toetsen, neem dan in ieder geval 2 toetsen per jaar af bijvoorbeeld in oktober en in april. āDe toetsen vind je in de leerkrachtsoftware van Code D Tekstbegrip bij de printbladen.
De lessen studerend lezen zijn gekoppeld aan de rijke bronnen van Code D en bieden afwisselende, actieve werkvormen om informatie beter te begrijpen, verwerken en onthouden. Studerend lezen is er vanaf groep 5.
Vanaf februari 2026 is Code D Tekstbegrip beschikbaar in de zichtzending. Werk je al met Code D, dan ontvang je hierover automatisch informatie. Daarnaast kun je een proeflicentie van de leerkrachtsoftware aanvragen om het materiaal zelf te verkennen.
Wil je persoonlijk advies of een demonstratie? Dan kun je een afspraak plannen met een methodeāexpert van Zwijsen. Ook kun je via de website eenvoudig aangeven dat je Code D wilt uitproberen of inkijken.