5 Speelse rekenactiviteiten voor het einde van groep 3

29 juni 2020

spelend-rekenen-groep3-thumbnailpng-0Het is weer bijna zomervakantie. Een goed moment om bewegend leren in te zetten tijdens de rekenlessen voor groep 3. Zo zorg je voor een fijne sfeer in de laatste periode van dit bijzondere schooljaar en kunnen de kinderen nog even actief aan de einddoelen van groep 3 werken. In dit artikel verzamelen we vijf motiverende, speelse rekenactiviteiten die je in de laatste schoolweken kunt inzetten. Zo verwerken de kinderen de telrij t/m 100, gaan ze aan de slag met optel- en aftreksommen en oefenen ze het automatiseren van de kloktijden. Remco Hoeymans, rekenspecialist en bewegend leren expert schreef deze tips.

1) Getallen springen

Bij deze activiteit gaan de kinderen aan de slag in kleine groepjes. Steeds één kind zal een getal springen en de rest probeert te raden welk getal gesprongen is. Elke grote sprong telt als een sprong van 10, elk klein sprongetje telt als een sprong van 1. Het kind dat springt, moet goed nadenken over hoeveel grote en hoeveel kleine sprongen hij moet maken. De andere kinderen tellen met sprongen en benoemen het getal. Zo oefenen ze de getallenrij tot en met 100 op een actieve manier.

Tip: Laat de kinderen eerst vooruit naar een tiental springen en vanuit daar enkele sprongetjes terug springen, zodat ze niet alleen vooruit aan het tellen zijn.

2) Precies dobbelen

Dit heb je nodig:                                                                                                                  

  • 3 dobbelstenen per groepje
  • Bak met blokjes
  • 4 pylonen, neergezet als vierkant

Verdeel de klas in kleine groepjes. Geef elk groepje 3 dobbelstenen. Elk groepje moet precies 12 dobbelen. Als ze een andere hoeveelheid gedobbeld hebben, mogen ze één van de 3 dobbelstenen opnieuw gooien. Ze moeten daarbij goed nadenken over het aantal ogen dat ze op de dobbelsteen nodig hebben en overleggen welke dobbelsteen ze het beste opnieuw kunnen gooien. Lukt het ze om precies 12 te dobbelen? Dan mogen ze naar de bak met blokjes rennen om 1 blokje te halen. Vervolgens gaan ze opnieuw dobbelen. Lukt de poging niet? Dan moeten ze eerst een rondje lopen rondom de 4 pylonen, voordat ze aan een nieuwe poging kunnen beginnen. Laat de groepjes binnen een bepaalde tijd zoveel mogelijk blokjes verzamelen. Het groepje met de meeste blokjes wint!

3) Schieten maar

Dit heb je nodig: 

  • Stoepkrijt
  • Ballen

Voorafgaand aan de activiteit schrijf je met stoepkrijt de getallen 1 t/m 20 op een muur. Deze cijfers verspreid je ook over het schoolplein. Leg een stoepkrijtje bij elk getal dat op de grond staat geschreven. Zet de kinderen in een aantal rijtjes (bijvoorbeeld 3) bij de muur. Uit elke rij schiet steeds één kind tegelijkertijd een bal tegen de muur. Na het schieten gaat het kind op het schoolplein op zoek naar het getal dat op de muur geraakt is. Daar schrijft hij/zij een optel- en een aftreksom met het getal als antwoord, én een splitsing van het getal op. Daarna legt het kind het stoepkrijtje terug en sluit weer achteraan in de rij.

4) Boksen

De kinderen staan in tweetallen tegenover elkaar. Het ene kind noemt een getal tot en met 20 en houdt ondertussen twee vlakke handen omhoog. Het andere kind gaat het getal splitsen, terwijl hij/zij kruislinks in de handen van de ander bokst. De kinderen wisselen regelmatig van rol.

5) Hoepel klok

Dit heb je nodig per drietal:                                                                                                  

  • 1 hoepel
  • 1 stoepkrijt (of getalkaartjes 1 t/m 12 als je de activiteit binnen uitvoert)
  • 1 lange en 1 korte strook papier

Verdeel de klas in groepjes van 3 en zorg dat elk groepje een hoepel heeft. In deze hoepel schrijven ze de getallen van de klok met stoepkrijt. Doe je deze activiteit binnen, dan leggen ze getalkaartjes neer. Eén kind is tijdens dit spel de controleur en noemt de kloktijden die de andere twee kinderen moeten maken. De twee staan op een afstandje van de klok en lopen om de beurt met één van de papieren wijzers naar de klok. Doordat de ander op een afstandje staat, moet het kind zelf nadenken waar hij/zij de wijzer precies moet plaatsen. Zijn beide wijzers neergelegd? Dan controleert de controleur de kloktijd. Bij een goed antwoord gaat het spel gewoon verder. Is het antwoord onjuist? Dan moeten ze samen het juiste antwoord bepalen. Na iedere ronde wisselen ze van rol.

Tip: Wil je met tijdverschil oefenen? Laat de kinderen dan de wijzers steeds 1 uur eerder of later zetten dan de genoemde tijd.

Veel succes in de laatste weken en vooral ook veel beweegplezier om het jaar actief en sfeervol af te sluiten!

Rekenmethode in ontwikkeling: Semsom

Huidige rekenmethodes hanteren dezelfde lesopzet voor groep 3 en groep 8. Bij Zwijsen weten we uit ervaring dat leerlingen uit groep 3 anders zijn dan leerlingen uit groep 8 en daarom komen wij met een rekenmethode die speciaal ontwikkeld is voor de behoeftes van leerlingen in groep 3. Wil jij meedenken in de ontwikkeling of op de hoogte blijven?

Meld je hier aan voor de nieuwsbrief  of lees eerst meer over Semsom

 


Over de auteur: Remco Hoeymans is een ervaren én bevlogen leerkracht van de middenbouw. Remco is ook Rekenspecialist en Bewegend leren expert. Hij werkt momenteel aan een boek ‘Bewegend en spelend rekenonderwijs’ dat eind 2020 uitkomt. Daarnaast geeft Remco workshops en trainingen aan leerkrachten uit het basisonderwijs over dit onderwerp.

Er zijn nog geen reacties.