‘Spelen is geen pauze van lezen, het ís leren!’

Hoe bereid je jonge kinderen spelenderwijs voor op lezen en rekenen? En welke rol spelen materialen, interactie en samen lezen daarbij? We vragen het Marion van der Meulen, lees- en schrijfspecialist bij Uitgeverij Zwijsen. In dit interview vertelt Marion hoe ontluikende geletterd- en gecijferdheid ontstaat, waarom handelend leren zo belangrijk is en hoe educatieve materialen zoals de spellen van Woezel & Pip kinderen spelenderwijs voorbereiden op groep 3.

Ontluikende geletterd- en gecijferdheid, wat is dat precies?

Volgens Marion begint leren lezen en rekenen al lang voordat kinderen daadwerkelijk starten in groep 3. ‘Kinderen bereiden hun hersenen eigenlijk al heel vroeg voor op lezen en rekenen. Via spel raken ze vertrouwd met letters, woorden, klanken, cijfers en hoeveelheden. Dat noemen we ontluikende geletterd- en gecijferdheid.’

Dit gebeurt vaak ongemerkt, in dagelijkse situaties. Marion noemt het voorbeeld van een kind dat een tekening maakt van haar familie. ‘Een kind weet precies wie er op die tekening staan. Als je daar woorden bij schrijft, zoals opa en oma , zegt dat in eerste instantie misschien nog weinig. Maar zodra opa of oma op bezoek komt en die woorden op de tekening benoemt, ontdekt het kind dat geschreven taal betekenis heeft.’ Kinderen leren zo stap voor stap dat tekens ergens voor staan.

Tegelijkertijd raken ze vertrouwd met lettervormen. ‘Een kind ontdekt bijvoorbeeld dat de “j” van zijn naam een bepaalde vorm heeft, of dat de “g” zo’n staartje heeft. Dit lijkt een kleine ontdekking, maar dit soort herkenning vormt een belangrijke basis voor het latere lezen.’ Hetzelfde geldt voor gecijferdheid. ‘Tellen begint eerst als een opzegrijtje: 1, 2, 3 en 4. Maar langzaam ontstaat het besef dat de vier echt iets anders betekent dan drie.

Wat maakt spelend leren zo effectief?

‘Spelen is geen pauze van leren, het ís leren,’ zegt Marion. ‘Voor jonge kinderen is spel de meest natuurlijke manier om nieuwe kennis op te doen.’ Volgens haar zit de kracht vooral in handelend leren. Wanneer kinderen materialen vastpakken, vergelijken, neerleggen en controleren, zoals bij het Loco bambino Woezel & Pip pakket, gebruiken zij andere delen van hun hersenen dan wanneer zij passief naar een scherm kijken. ‘Als een kind actief bezig is met blokjes, met het tekenen van letters en cijfers, zijn veel meer delen van de hersenen betrokken bij dit leren dan wanneer je passief naar een schermpje kijkt. Dat helpt bij het begrijpen, onthouden en automatiseren van nieuwe kennis.

‘Een scherm geeft voortdurend prikkels om ermee bezig te blijven. Bij spelend leren komt de motivatie juist van binnenuit.’

Marion ziet dat kinderen veel voldoening halen uit zelfstandig werken of zelf ontdekken of iets goed is gegaan. ‘Bij zelfcontrolerende materialen, zoals Loco, maken kinderen eerst een opdracht en controleren daarna zélf het resultaat. Die directe succeservaring motiveert enorm. Hetzelfde geldt voor de magnetische letter- en cijferdoos. Je kunt hiermee als kind laten zien wat je allemaal hebt gedaan.’ In een tijd waarin schermgebruik onder jonge kinderen sterk toeneemt, vindt zij dat extra belangrijk. ‘Een scherm geeft voortdurend prikkels om ermee bezig te blijven. Bij spelend leren komt de motivatie juist van binnenuit.’

Differentiatie: ieder kind ontwikkelt zich anders

Volgens Marion is differentiatie onmisbaar in groep 1-2 en op het kinderdagverblijf. ‘Geen enkel kind ontwikkelt zich hetzelfde. Waar een driejarig kind al bezig is met tellen, kan een vijfjarig kind daar misschien nog moeite mee hebben.’ Daarom is het belangrijk dat educatieve materialen kinderen de mogelijkheid geven om op hun eigen niveau in te stappen. ‘Je begint vaak met het herkennen van letters, langzaam raak je bekend met de letters van het alfabet en daarna ga je woorden na leggen. In de magnetische letter- en cijferdoos zitten kaarten met diverse oefeningen, zoals ook het simpel na leggen van letters of plaatjes en dobbelstenen of cijfers. Zelfs als een kind nog niet kan lezen, leert het zo bijvoorbeeld  dat de letters “b-a-l” samen het woord bal vormen.’

Handelend leren stimuleert ook de fijne motoriek

Naast taal en rekenen dragen deze materialen ook bij aan de motorische ontwikkeling. ‘Fijne motoriek bestaat uit alle bewegingen die je met je vingers maakt. Die ontwikkeling is belangrijk om later goed te kunnen schrijven.’ Bij de magnetische letter- en cijferdoos en Loco spellen zijn kinderen voortdurend bezig met pakken, draaien, neerleggen en vergelijken. ‘Ze oefenen daarmee hun oog-handcoördinatie en precisie.’ Naast dat je kinderen ook gewoon kleurpotloden moet geven, zijn dit soort producten eveneens  een goede oefening voor de fijne motoriek.

Interactie bij woordenschat maakt het verschil

Hoewel goed materiaal belangrijk is, benadrukt Marion dat interactie uiteindelijk het verschil maakt. ‘Woordenschat groeit vooral door samen te praten over wat een kind doet’. Ze geeft een eenvoudig voorbeeld: ‘Door te praten over de meest simpele dingen, zoals een sok, krijgt het woord veel meer lading. Vraag bijvoorbeeld eens: “Hoe ziet jouw sok eruit? Ziet jouw sok er ook zo uit als op het plaatje? Hoe ziet jouw sok er dan uit?” Niet alleen verrijken dit soort gesprekken de woordenschat, de betekenis van woorden verbreedt zich en daarmee veranker je de woorden in de woordenschat.’

Samen lezen: veel meer dan een verhaal voorlezen

Naast handelend leren speelt samen lezen ook een belangrijke rol binnen de ontluikende geletterdheid. Marion noemt het boek pip, waar is de maan? van de serie kleuterlezen als voorbeeld. ‘Kinderen ontdekken via boeken dat verhalen bestaan en dat tekens daadwerkelijk een betekenis hebben. Dat motiveert om later zelf te willen lezen. Het leuke aan de boeken van de serie kleuterlezen vind ik ook dat er pictogrammen van de karakters naast de verhalen staan. Ze leren dat het pictogram van Woezel echt voor Woezel staat en dat van Pip voor Pip. Tegelijkertijd ontdekken ze spelenderwijs leesconventies: dat je van links naar rechts leest en van voren naar achteren bladert.’

Door samen te lezen ontwikkelen kinderen woordenschat en leren ze hoe verhalen zijn opgebouwd. ‘In pip, waar is de maan? staat bijvoorbeeld het woordje “laat”. Je ziet in de illustratie dat het donker is, dus “laat” betekent dat het avond is. Het wordt nog eens extra bekrachtigd door een plaatje van een slapende Pip. Het is een eenvoudig verhaal om te lezen, maar de inhoud van het verhaal is heel rijk.’ Volgens Marion leren kinderen via herhaling ontzettend veel. ‘Soms willen kinderen hetzelfde boek meerdere keren per dag horen. Dat is juist heel waardevol, want iedere keer dat je samen dat boekje leest ontdekken ze nieuwe woorden, klanken of betekenissen.’

De kracht van open materiaal

Van de drie nieuwe producten heeft Marion een duidelijke favoriet: de magnetische letter- en cijferdoos. ‘Wat dit materiaal zo sterk maakt, is dat het open materiaal is. Natuurlijk zitten er werkbladen bij, maar kinderen kunnen er ook helemaal vanuit hun eigen creativiteit mee aan de slag. In de deksel van de doos leggen ze wat ze zélf willen; hun eigen naam of leeftijd bijvoorbeeld.’ Dat maakt het geschikt voor verschillende leeftijden en niveaus. ‘Ieder kind kan ermee werken op een manier die past bij de eigen ontwikkeling. Dat is de kracht van open materiaal.’

Je kunt vandaag nog beginnen

Volgens Marion hoeft spelend leren niet ingewikkeld te zijn. ‘Het begint vaak met kleine dingen: rijk materiaal aanbieden, samen praten tijdens het spelen en kinderen zelfstandig laten ontdekken.’ Juist die dagelijkse kleine momenten maken uiteindelijk een groot verschil in de ontwikkeling van jonge kinderen.

Reacties (0)

Geef een reactie

Jouw email wordt niet gepubliceerd.

Toegevoegd aan winkelmand

Naar winkelmandje