Jonna, Peer en Sara bewgen én leren met het Rompompom tel & beweeg spel
Jonna, Peer en Sara bewgen én leren met het Rompompom tel & beweeg spel

Bewegend leren: van bewegen word je slim!

Bewegend leren is in! En dat is ook niet zo gek: bewegend leren is leuk, gezond voor je lijf én heeft een positieve invloed op de hersenactiviteiten. Speciaal voor kleuters ontwikkelde Zwijsen het spel: Rompompom tel & beweeg. In dit spel leren kleuters tellen en eenvoudige sommetjes maken. Niet door stil te zitten, maar door lekker te bewegen! We vroegen Sanne (42), moeder van Peer (6) en Jonna (3,5) om het spel uit te testen. Vriendinnetje Sara (5) heeft ook zin om mee te spelen.

Veel aandacht op school voor bewegend leren

Sanne vertelt: ‘Mijn zoon is een echte jongen en beweegt het liefst de hele dag. Hij springt op de trampoline, houdt van dansen, rennen en balspelletjes. Ook bouwt hij graag parcourtjes van hoepels en planken. Bij ons op school is er veel aandacht voor bewegend leren. Kleuters leren bijvoorbeeld tellen door met een  bal te stuiteren. Dat bewegen op school vind ik belangrijk. Kinderen komen hierdoor goed in hun lijf, raken hun energie kwijt en krijgen de lesstof op een speelse manier aangeboden.’

Zet je hersens aan

Uit verschillende onderzoeken blijkt dat deze aanpak werkt. Als je beweegt tijdens het leren, zijn je hersenen actiever. Je kunt je beter concentreren, onthoudt dingen vlotter en je komt eerder op slimme ideeën. Met een beetje geluk leidt dit  ook weer tot betere schoolprestaties. ‘In feite zet je de motor van je hersenen aan door te bewegen. Je brein gaat beter werken,’ legt hoogleraar neurobioloog Erik Scherder uit in zijn boek ‘Laat je hersenen niet zitten’. (Overigens een grote aanrader voor iedereen die meer over het bewegen en het brein wil weten!)

Te weinig bewegen

Helaas beweegt bijna de helft van de kinderen te weinig. De Gezondheidsraad maakt zich hier grote zorgen over. ‘De motorische vaardigheden van deze kinderen gaan achteruit en overgewicht neemt toe,’ staat er in hun rapport. De overheid start dan ook allerlei campagnes om kinderen meer aan het bewegen te krijgen, thuis en op school. Bovendien is bewegen juist bij kinderen voor nog meer zaken goed: het verbetert hun sociale vaardigheden en draagt bij aan hun zelfvertrouwen.

Bewegingsopdrachten

Tijd om met Rompompom tel & beweeg aan de slag te gaan! Het is mooi weer, dus het spel wordt in de boomgaard gespeeld. Sara en Peer maken twee stapels. Op de ene stapel staan de bewegingsopdrachten, bijvoorbeeld: ‘draai een rondje op je billen’ of ‘steek je handen in de lucht.’ Op de andere stapel liggen de telkaarten.

Sara pakt de eerste beweegkaart: ‘Maak een buiging,’ staat erop.  Peer pakt vervolgens een  telkaart. Met een serieus gezicht rekent hij de som uit: ‘3 + 2 = 5.’ ‘Vijf keer een buiging maken!’ roepen de kleuters in koor. Meteen beginnen ze deze beweging fanatiek te maken. Ook zusje Jonna doet mee.

Zelf kunnen lezen is nog niet nodig

Sanne helpt de kinderen nog even op weg, maar al vlug spelen ze het spel zelfstandig. Op de kaart doet Pompom de beweging voor, dus zelf kunnen lezen is nog niet nodig. De kleuters rollen lachend door het gras.  De joker is veruit de favoriet. Dan mag je namelijk zelf een beweging bedenken. ‘Met je haren zwaaien,’ verzint Sara. Na een kwartier ligt de boomgaard bezaaid met kaartjes. Gelukkig helpt iedereen mee met opruimen.

Binnen, buiten en op school

Sanne is enthousiast: ‘Het spel is simpel en daarom werkt het zo goed. Je kunt het overal spelen. Binnen, buiten of op school. De kleuters begrijpen meteen wat de bedoeling is. Peer en Sara hadden veel plezier met elkaar. Ze waren steeds nieuwsgierig naar de volgende beweging van de stapel. Leuk ook, dat zelfs de driejarige Jonna al een beetje mee kon doen!’

Sara bekijkt de vrolijke kaartjes van het Rompompom tel & beweeg spel

Meer vriendjes om mee te bewegen en te tellen

Reacties (0)

Geef een antwoord

Jouw email wordt niet gepubliceerd.

Toegevoegd aan winkelmand

Naar winkelmandje